De bank zat eigenlijk best prima, dekentje half over me heen, kop thee binnen handbereik. Buiten werd het langzaam donker, maar binnen begon iets anders te gloeien. Ik had me voorgenomen om gewoon even te kijken naar The Passion — beetje half opletten, beetje scrollen misschien.
Maar ja… zo werkt dat dus niet.
Want eerlijk is eerlijk: dat hele gedoe met het sjouwen van een kruis, dat hoefde voor mij niet zo nodig. Dat theatrale, dat mag van mij best een tandje minder. Maar het verhaal zelf… dat pakte me toch weer. Op een of andere manier weet het je elk jaar opnieuw stil te krijgen. Niet omdat het perfect is — integendeel zelfs.
Hier en daar een nootje dat nét niet helemaal landt, een zin die wat wankelt… maar dat maakt het misschien juist wel echt. Het hoeft niet loepzuiver te zijn. Het gaat om wat je voelt. En dat kwam binnen.
Zeker nu.
Want laten we eerlijk zijn: het nieuws is tegenwoordig een aaneenschakeling van oorlog, ellende en mensen die elkaar steeds minder lijken te verdragen. Alsof de wereld een beetje schreeuwt en niemand meer echt luistert. En juist dan, op zo’n avond, komt er ineens een verhaal voorbij over hoop, vergeving en menselijkheid.
Misschien een beetje ouderwets. Misschien een beetje groot gebracht.
Maar ook… precies wat nodig is.
En toen kwam dat ene moment.
Niets anders telt meer.
Gezongen door Roxeanne Hazes en Milan van Weerdenburg.
Alles viel even samen. De muziek, de tekst, de emotie. Dat was geen optreden meer, dat was gewoon… raak. Zo’n kippenvelmoment waarop je even vergeet waar je zit en alleen nog maar voelt.
En voor ik het wist zat ik daar dus niet meer half te kijken, maar gewoon helemaal.
Soms hoeft iets niet perfect te zijn om precies goed te zijn.