In een knus bosje, net achter de kerstboomverkoop, woonde Gnoom Knorremans. Hij droeg een te grote muts, had koude oren en een hart dat warmer was dan chocolademelk.
Op kerstavond zag hij dat de lichtjes in het dorpje uit waren gevallen. Paniek! Kerst zonder lichtjes kon écht niet.
Knorremans klom op zijn paddenstoel-ladder, knoopte wat elfendraad aan elkaar en — floep! — het hele dorp straalde weer.
Niemand zag hem, maar iedereen voelde het: die warme kerstkriebel.
Tevreden kroop de gnoom terug naar huis, nam een hap peperkoek en mompelde:
“Zo. Dat wordt weer een fijne kerst.” ✨